01Introductie:
In een filmjaar waarin herhalingen, reboots en franchise-uitmelking nog steeds de toon voeren, voelt Death of a Unicorn als een wilde ontsnapping aan de studioformule. Regisseur Alex Scharfman levert een bloederige en satirische creature feature af waarin absurditeit en maatschappijkritiek hand in hand gaan – mét een mythisch wezen in de hoofdrol. Bij Panda Bytes namen we deze prikkelende prent onder de loep. Dit is onze recensie van Death of a Unicorn.
Een fatale botsing en eenhoornwonderen
Het verhaal start in de Rocky Mountains, waar jurist Elliot Kintner (Paul Rudd) en zijn dochter Ridley (Jenna Ortega) op weg zijn naar een luxueus landgoed. Ze botsen – letterlijk – op iets buitengewoons: een eenhoorn. Niet schattig, niet regenboogachtig, maar bloederig, stuiptrekkend en magisch. Terwijl ze proberen het incident te verdoezelen, blijkt het mysterieuze beest helende krachten te hebben. Elliot’s allergieën verdwijnen, Ridley’s huid klaart op.
Wat doe je met een dode eenhoorn die mensen geneest? Juist, je belandt midden in een kapitalistische nachtmerrie, geleid door de familie Leopold — miljardairs met een moreel kompas zo krom als een hoefijzer.
Een satire met scherpe tanden
Death of a Unicorn is een hybride van genres: satire, monsterfilm, zwarte komedie en zelfs een vleugje familiedrama. De film haalt stevig uit naar de elite, die zelfs het magische reduceert tot handelswaar. Wanneer Odell Leopold (Richard E. Grant), een stervende magnaat, hoort van de eenhoorn, laat hij zijn laatste adem even wachten. Het bloed van het beest zou wel eens zijn ticket naar onsterfelijkheid kunnen zijn.
Wat volgt is een krankzinnige jacht op genezende stoffen, verpakt in messcherpe dialogen, groteske scènes en een verrassend slimme onderlaag over menselijke hebzucht en het gebrek aan ontzag voor het onbekende.